Is er leven na Vroom& Dreesmann?

is-er-leven-na-Vroom-&-Dreesmann-?

De almaar groeiende online klant zet de retailmarkten in Europa redelijk op zijn kop. Met het faillissement van warenhuisketen Vroom & Dreesmann is bewezen dat zelfs iconen van onze winkelstraten niet veilig zijn voor de internettrends die u en ik hebben ingezet. Ergens wel triest, maar gek genoeg ontstaan er ook nieuwe interessante beleggingskansen.

Slagveld
De online klant laat weinig over van de typisch Nederlandse winkelstraat. Met het sluiten van de V&D deuren ontstaat een waar slagveld. Krijgen nieuwe formules wel een kans? Zoals het er nu naar uitziet, is er wel degelijk levensruimte voor de kleine winkelier. Deze dient dan wel hip, leuk, spannend, speciaal, vers, gezond, of apart te zijn. De bakker die honderd soorten brood verkoopt en op zondag per fiets bezorgen wil. Een skateshop met een eigen hip kledingmerk. Een fietsenmaker die retrofietsen verkoopt en bier schenkt. De biologische wijnwinkelier die oog heeft voor de meest speciale wijnen uit Frankrijk en een boekenwinkel waar je ook je eigen lunch kunt samenstellen. Ik kan nog wel even doorgaan met leuke winkels, waar je graag een uurtje of langer verblijft. Het komt erop neer dat wij pas ons bed uit komen als wij bij wijze van spreken op facebook of Instagram kunnen laten zien hoe hip de spullen zijn die wij op het oog hebben. Ervaren en beleven, de hipper des te leuker. Jammer dat de kunst van het ‘beleven’ nooit bij V& D is ingezet.
Aan de andere kant blijkt er ook behoefte te zijn aan veel, goedkoop. Zara, de Mediamarkt, de Primark en de Action groeien als kool. Gelukkig zijn we ook daar allemaal dol op. Misschien gaan deze ondernemingen de – voor het oog – prachtige panden van V&D betrekken.

Thuiswinkel vereist meer logistiek

Voor het gros van de duurzame spullen zitten we echter lekker thuis. De nieuwe klant winkelt voornamelijk vanaf zijn Ipad, surface of mobiel. Dit zorgt voor een trendmatige verschuiving van opslagcapaciteit en logistieke bevoorrading vanuit plaatsen buiten steden en op knooppunten langs e snelweg. Het in Nederlands genoteerde familievastgoedbedrijf Warehouse de Pauw (WDP), is opgericht in 1971 en afkomstig uit België. Deze ambitieuze onderneming speelt handig in op de veranderende behoeften van onze nieuwe (online) tijd. Het bezit, ontwikkelt en beheert magazijnruimte in de Benelux. En dat op logistieke knooppunten in voornamelijk België en Nederland. Ook Frankrijk en Roemenië komen inmiddels aan bod.

Sterke cijfers

WDP kan wel eens een leuke aanvulling zijn voor de belegger die graag belegt in degelijke, goedgeleide ondernemingen die oog hebben voor belangrijke trends en die een stevig dividendrendement kunnen teruggeven aan haar aandeelhouders. De onderneming heeft een portefeuille die is gewaardeerd op bijna 2 miljard euro. Het aantal vierkante meters is groeiende en dat komt terug in de groei van de winst per aandeel ten opzichte van 2014. De winst steeg met 22,1% naar EUR 5,-. De onderneming keert 80% van haar winst uit aan de aandeelhouder. Dit houdt in dat het dividendvoorstel voor dit jaar uitkomt op EUR 4,- of 5,5% per aandeel. Dit is een stijging van 18% ten opzichte van vorig jaar. De intrinsieke waarde per aandeel komt uit op EUR 44,90 en de schuldgraad op 55,7%. Met de lage rentelast van 2,8% en het snelle groeikarakter zijn dit acceptabele parameters. De resultaten stegen agv groei van inkomsten (bezettingsgraad 97,5%), acquisities, een verlaging van kosten én en hogere inkomsten uit – schrik niet – zonnepanelen. WDP heeft namelijk ook duurzaamheid hoog in het vaandel.

Duurzaam sausje

WDP heeft maatschappelijk verwantwoord ondernemen tot de hoeksteen van haar strategie benoemd. Dit houdt in dat bij iedere investering die de onderneming overweegt een duurzame impact voor de stakeholders wat leidt tot een wenselijke CO2-neutraliteit op middellange termijn, een beperkte voetafdruk en verminderd energiegebruik en het streeft doorlopend naar synergiën tussen partijen waar de onderneming mee te maken heeft.

Conclusie

Er is leven na V&D? Jazeker, maar de belegger dient daarvoor wel eerst het accent te verschuiven van winkelvastgoed naar logistiekvastgoed. Voor een goed aangestuurd ‘familiebedrijf’ betalen we weliswaar een degelijke premie op de intrinsieke waarde. Dat mag in dit geval. Het ‘brein’ achter de onderneming, Familie Jos de Pauw, bezit 31,4% in de onderneming en lijkt goed op haar winkel te passen. De publieke aandeelhouder krijgt een snelgroeiend en kwalitatief vastgoedbedrijf (schaars) met een aardig en stevig dividendrendement van 5,5%. Er is genoeg reden om dit bedrijf in de portefeuille op te nemen. Kas is immers ‘koning’ in een tijd van lage rente. Tot slot zal het duurzame karakter van de onderneming het waarschijnlijk een beurslieveling gaan maken van de belegger die van echte duurzaamheid een belangrijk uitgangspunt maakt bij de beleggingsoverweging.